Home
Wabo Water Gebruiksbesluit Activiteitenbesluit
 
Nieuws »  NATUUR
 

Miljoenen waarnemingen bieden ecologische informatie

De Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) zorgt er met 30 miljoen waarnemingen voor, dat gegevens over de Nederlandse flora en fauna beschikbaar zijn. De databank vergemakkelijkt het ecologisch onderzoek in bepaalde gebieden. Hier hebben overheden en bedrijven, zoals gemeenten, provincies en bouwbedrijven, voordeel bij.


Door Erik van Huizen

De NDFF is ontwikkeld door de Gegevensautoriteit Natuur en de Stichting VeldOnderzoek Flora en Fauna (VOFF). Aanleiding voor het oprichten van de Gegevensautoriteit Natuur en de ontwikkeling van de NDFF in 2007, vormde het feit dat er jaarlijks 3 miljoen waarnemingen in Nederland werden gedaan die in verschillende databanken terecht kwamen. Op deze manier was het ondoenlijk een goed overzicht te krijgen van de flora en fauna in Nederland. Het toenmalige ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselveiligheid (LNV) investeerde daarom in  de ontwikkeling van een landelijke databank, de NDFF. Samen met de VOFF heeft de Gegevensautoriteit de afgelopen 3 jaar hard gewerkt aan de ontwikkeling van deze databank. Sinds 1 oktober 2010 is de Stichting Gegevensautoriteit Natuur verzelfstandigd. Om de NDFF te kunnen blijven ontwikkelen, worden de kosten van het beheer en onderhoud van de Nationale Databank Flora en Fauna doorberekend aan de gebruiker. Die kan een abonnement op de databank nemen of een eenmalige gegevensaanvraag doen via Het Natuurloket.

Leveranciers

Om informatie over de Nederlandse flora en fauna te verzamelen, doet de Gegevensautoriteit Natuur een beroep op 20.000 waarnemers door het hele land. Dit zijn hoofdzakelijk vrijwilligers. Waarnemers van bijvoorbeeld de internetsite Waarneming.nl en Telmee.nl. Maar ook organisaties als SOVON en De Vlinderstichting stellen hun waarnemingen beschikbaar aan de Nationale Databank Flora en Fauna. Inmiddels staan er ruim 30 miljoen waarnemingen in de databank. Dat zijn er zo’n 750 per vierkante kilometer. Met de vrijwilligers is de afspraak gemaakt dat ze in ieder geval kosteloos hun eigen gegevens in de databank kunnen raadplegen. De Gegevensautoriteit Natuur zorgt daarnaast voor het verder opleiden van de vrijwilligers.

Enkele procenten

Als de gegevens eenmaal in de databank staan, controleert het systeem aan de hand van een automatische rekenmethode of de gedane waarneming waarschijnlijk is. Het systeem vergelijkt de nieuwe waarneming dan ondermeer met eerdere waarnemingen. In 90 procent van de gevallen concludeert de databank dat de waarneming klopt. De databank stuurt de resterende 10 procent van waarnemingen waarover twijfel bestaat (dat betreft meestal zeldzame soorten) door naar een deskundige. Daarvan zijn er zo’n 100 in het hele land. De deskundige controleert dan handmatig of de waarneming klopt. Daarvoor kan hij contact opnemen met de waarnemer of bijvoorbeeld een foto vragen. Uiteindelijk beslist de deskundige of de waarneming in de databank komt. Van de twijfelgevallen blijken uiteindelijk slechts enkele procenten niet te kloppen.

Misbruik

Hoewel je zou denken dat misbruik op loer ligt, heeft directeur Jacob Jan Bakker nog nooit gemerkt dat er bewust misbruik wordt gemaakt van de databank. ‘Dat moeten we zien te vermijden. Het kan natuurlijk gebeuren dat iemand bezwaar maakt tegen een bouwproject en aangeeft dat er een bepaalde soort op die locatie voorkomt. Maar voorlopig zijn het nog indianenverhalen dat iemand bijvoorbeeld een rugstreeppad heeft uitgezet om iets tegen te houden.’
Of de gebruiker blind kan varen op de gegevens uit de databank hangt af van het aantal waarnemingen dat is gedaan voor de bewuste plek. ‘Er zijn niet voor elke plek in Nederland evenveel waarnemingen beschikbaar. Wij geven in de databank per vierkante kilometer aan of dit gebied goed, slecht of matig is onderzocht. Is de plek volgens onze waarneming goed onderzocht, dan kunnen op basis van die gegevens besluiten worden genomen. Indien de plek slecht of matig is onderzocht, dan adviseren wij nader onderzoek te doen en een ecologisch adviesbureau in te schakelen. De gegevens uit de NDFF zijn dan alleen een eerste indicatie.’

Geen concurrent

Bakker benadrukt dat de NDFF geen concurrent is van de ecologische adviesbureau’s. ‘De bureau’s kunnen ons gebruiken. Het is bijvoorbeeld ondoenlijk om voor één project een heel jaar lang onderzoek te doen. Dan is op het moment van onderzoek bijvoorbeeld net het seizoen van de vlinders voorbij. Een ecologisch adviesbureau kan op dat moment kijken wat ze zelf weet over dat gebied en daarna de informatie aanvullen met informatie uit de NDFF. We hebben nog geen abonnementsvorm voor adviesbureau’s, maar daar zijn we wel mee bezig. De meeste adviesbureau’s maken nu gebruik van een eenmalige levering via Het Natuurloket. Het Natuurloket levert informatie die direct uit de NDFF komt. Ze krijgen dan eenmalig informatie over een specifieke locatie. Het gaat dan om een relatief laag bedrag wat ze moeten betalen.’

Abonnementen

Inmiddels heeft de Gegevensautoriteit zo’n 60 overeenkomsten afgesloten voor gebruik van de databank. Met een maximaal aan potentieel van 1.000 partijen denkt Bakker in de praktijk zo’n 500 klanten over te kunnen houden. ‘Dat kunnen dan gemeenten, waterschappen, provincies, ecologische adviesbureaus, bouwbedrijven en terreinbeheerders zijn. Het hoogste tarief voor gemeenten bedraagt ongeveer 20 cent per inwoner. Maar daar kan een forse korting vanaf wanneer ze bijvoorbeeld niet alle functies van het systeem nodig hebben.’
Ook al heeft de gemeente geen eigen verantwoordelijkheid voor de Flora en faunawet of de Natuurbeschermingswet, de NDFF kan gemeenten helpen voorkomen dat projecten worden stilgelegd vanwege de natuur of dat, vanuit de natuurbescherming gezien, vergunningen ten onrechte worden verstrekt. 'De NDFF biedt geen 100% garantie, maar schade wordt zeker beperkt. Gemeenten kunnen ook de eigen ecologische gegevens in de NDFF plaatsen. De ecologische adviezen die de gemeenten (laten) maken, verdwenen voorheen vaak als een rapport in een kast. Maar steeds meer gemeenten besluiten bij de NDFF aan te haken. Zo wilde het Stadsgewest Haaglanden bijvoorbeeld een eigen databank maken voor haar informatie. Toch hebben ze uiteindelijk besloten dit niet zelf te doen, maar zich bij ons aan te sluiten. Dat was financieel veel voordeliger.'

Bezuinigingen

De Gegevensautoriteit merkt de laatste tijd ook dat overheden en gemeenten moeten kijken waar ze hun geld aan uitgeven. ‘De mensen kijken kritischer naar hun uitgavenpatroon. In deze tijd van bezuinigingen moeten we langer praten om te laten zien dat onze gegevens van een grotere waarde zijn dan de prijs die ervoor moet worden betaald. Wat ik wel constateer is dat er ondanks de bezuinigingen de belangstelling voor groen en duurzaam toeneemt. Het onderwerp is dus zeker niet van tafel.’

Lees ook:
- Meer ontheffingen Flora- en faunawet verwacht onder Wabo
- 'Vroegtijdig natuuronderzoek kan ontheffingsprocedures Flora- en faunawet voorkomen'

Tip:
Neem een gratis abonnement op de tweewekelijkse elektronische Nieuwsbrief Omgevingsvergunning.nl!

Geplaatst:  09-11-10 06:15
Door:  Redactie Omgevingsvergunning.nl
   

Reageren?

 


copyright 2008 Forta milieu & multimedia, alle rechten voorbehouden - | disclaimer