Home
Wabo Water Gebruiksbesluit Activiteitenbesluit
 
Nieuws »  NATUUR » Flora- en faunawet
 

Meer ontheffingen Flora- en faunawet verwacht onder Wabo

Nu de Wabo in werking is getreden zullen aanvragers van een omgevingsvergunning zich bij een gemeente gaan melden met de vraag: ‘Moet ik het onderdeel Natuur van het aanvraagformulier ook invullen?’ Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit hield daarom op 23 september een laatste ‘veegbijeenkomst’ voor gemeente-ambtenaren, om hen te informeren wat ze in dat geval moeten doen.


Conny Krutzen en Casper van der Velde van het ministerie van LNV presenteerden de gevolgen van de aanhaakplicht van de Flora- en faunawet bij de omgevingsvergunning. Conny Krutzen is werkzaam bij de Dienst Regelingen, afdeling vergunningen en ontheffingen. Casper van der Velde is projectleider Wabo bij de Dienst Regelingen.

Geen deelvergunning voor natuur

Als een aanvrager bij het onderdeel natuur opgeeft dat er beschermde plant- en diersoorten aanwezig zijn, dan is toestemming voor het project nodig van LNV. In zo’n geval doorloopt de aanvraag om omgevingsvergunning de uitgebreide openbare voorbereidingsprocedure van 26 weken. De Wabo ziet natuur als een onlosmakelijk deel van een omgevingsvergunningplichtig project, voor het onderdeel natuur kan dus geen deelvergunning worden aangevraagd.
Een gemeente kán een aanvraag buiten behandeling laten als het onderdeel beschermde soorten niet bij de aanvraag is ingediend. Wel moet zij de aanvrager dan nog eerst in de gelegenheid stellen om de aanvraag aan te vullen.

Niet gemakkelijk

LNV bevestigt dat de vraag of er beschermde plant- en diersoorten aanwezig zijn, niet gemakkelijk is te beantwoorden. Lokale omstandigheden zijn bepalend voor het antwoord op de vraag, de onderzoeksplicht hiervoor ligt bij de aanvrager. Natuuronderzoek kan volgens LNV alleen door deskundigen worden uitgevoerd. Veldwerk in de natuur moet soms binnen meerdere seizoenen per jaar plaatsvinden.
Tot nu toe ontving LNV vooral aanvragen van bedrijven en overheden, maar de verwachting is dat onder de Wabo ook particulieren ermee te maken krijgen. Voor kleinere bouwprojecten verwacht LNV een toename van het aantal verzoeken om ontheffing voor de Flora- en Faunawet.
Ook verwacht LNV in het begintraject van de Wabo meer aanvragen om ontheffing af te wijzen, omdat zij minder zal deelnemen aan vooroverleg op verzoek van een aanvrager. Tot nu toe deed zij dit wel en overlegden ecologen van LNV met aanvragers bijvoorbeeld over geschikte mitigerende of compensatiemaatregelen. LNV beperkt zich vanaf de ingang van de Wabo tot sec het beoordelen van de aanvraag: 'De advisering van aanvragers moet door de groene bureaus worden opgepakt'.

Stilleggen

Een deelnemer in de zaal vreest dat aanvragers ontkennend zullen antwoorden op de vraag in het aanvraagformulier omgevingsvergunning, of er beschermde plant- en diersoorten voorkomen. LNV: ‘De aanvrager neemt dan wel het risico dat het project wordt stilgelegd’. Deelnemer: ‘Maar de gemeente gaat niet stil leggen als zij niet weet of er beschermde soorten zitten, uit angst voor claims. Een andere deelnemer uit de zaal: ‘En dan gaan die vleermuizen er dus gewoon uit’. Van der Velde merkt op dat de Wabo niet het doel heeft om de Flora- en faunawet te verbeteren: ‘Die wet verandert niet. Wel is positief dat gemeenten zich er nu ook mee gaan bemoeien. Gemeenten krijgen een rol aan de voorkant en moeten kennis opdoen, de beoordeling blijft bij LNV. Wel moeten gemeenten weten: ‘Waar zit mijn flora en fauna?’. Het leertraject van de Wabo begint op 1 oktober, niet alles is direct opgelost’.

Winst

Momenteel worden bij LNV zo’n 700 ontheffingen aangevraagd op grond van de Flora- en faunawet. Ook worden zo’n 300 handhavingsverzoeken per jaar ingediend, vaak door natuurverenigingen. Het ministerie van LNV verwacht dat burgers en belangenverenigingen gemeenten meer gaan aanspreken op natuur. Casper van der Velde ziet het als winst dat meer mensen rekening gaan houden met natuur als onderdeel van hun plan.

Handhaven

Als voorschriften worden overtreden van de door het ministerie van LNV afgegeven Verklaring van geen bedenkingen (Vvgb) en beschermde soorten worden geschaad, moeten de gemeenten handhaven. Bij een overtreding van de Flora- en faunawet die los staat van de Wabo, moet het ministerie van LNV optreden.
Gemeenten kunnen een sanctie toepassen of ze kunnen het werk stilleggen. Een Vvgb geldt alleen voor datgene wat is aangevraagd: verstoring van specifiek aangevraagde dier- en plantsoorten en ontheffing van bepaalde verbodsbepalingen. Als tijdens uitvoering van een project bijvoorbeeld blijkt dat er nog meer soorten zitten, die niet in het onderzoek betrokken zijn, loopt de initiatiefnemer het risico dat het werk wordt stilgelegd. Hij heeft immers geen toestemming om deze soorten te verstoren. Desgewenst kan hij dan een nieuwe aanvraag doen. Het is dus in het belang van de aanvrager en zijn projectplanning dat een natuuronderzoek goed en volledig wordt uitgevoerd.

Gevraagd wordt vanuit de zaal of LNV niet op voorhand kan aangeven in welke gevallen géén onderzoek nodig is en wanneer wel. Van der Velde: ‘Het lastige met natuur is dat 'het leeft' in tegenstelling tot bijvoorbeeld archeologie. Dit betekent dat populaties van soorten kunnen groeien, krimpen of zich kunnen verplaatsen. LNV zal in de toekomst wel meer hulpmiddelen voor onderzoek geven, maar kan niet op voorhand aangeven of ecologisch onderzoek wel of niet nodig is. En er moet altijd onderzoek worden gedaan, want LNV noch de gemeente weten welke soorten er wel of niet voorkomen’. Conny Krutzen: ‘Partijen die grote projecten willen uitvoeren, hebben allang ontdekt dat het slimmer is om er van te voren iets mee te doen. Het is kostbaar wanneer een project tijdens de uitvoering moet worden stilgelegd omdat er bijvoorbeeld nog andere soorten zijn aangetroffen'.

Rol gemeenten

Gemeenten kunnen volgens LNV aanvragers op weg helpen door hen vooraf te informeren over natuurwaarden. Wel moeten zij dan investeren in voldoende kennis van natuurwetgeving. Hierbij kunnen zij gebruik maken van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). Deze databank bevat waarnemingen per gebied van bijzondere plant- en diersoorten. De NDFF wordt uitgegeven door de Gegevensautoriteit Natuur. Ook kunnen gemeenten zelf een ecoloog inzetten bij het beoordelen van aanvragen.

Meer informatie

www.hetlnvloket.nl/florafauna



Proces Vvgb van LNV


Vooroverleg

LNV neemt alleen nog deel aan vooroverleg op verzoek van een gemeente bij complexe aanvragen. Ook moet er dan een complete aanvraag liggen met een natuuronderzoek. De rol van natuuronderzoeksbureaus wordt onder de Wabo groter, nu vooroverleg met ecologen van LNV grotendeels wegvalt. Door initiatiefnemers ingehuurde ecologen moeten hen nu adviseren bij de aanvraag.

Beoordelen aanvraag

LNV beoordeelt binnen een week na ontvangst van het verzoek of de aanvraag volledig is. Het ecologisch deel van de aanvraag wordt binnen LNV door ecologen van Dienst Landelijk Gebied (DLG) behandeld. LNV beoordeelt of de initiatiefnemer voldoende onderzoek heeft gedaan. Verder kijkt zij naar de planning van de projectactiviteiten, gelet op seizoensgebonden natuurwaarden. Gelet wordt op het effect van de activiteiten, wordt natuur vernield? Hierbij wordt het nut en de noodzaak van de activiteiten bekeken. Ook wordt gekeken naar de kwaliteit van mitigerende (verzachtende) en/of compenserende maatregelen. Wanneer deze niet toereikend zijn om de nadelige effecten te compenseren, wordt gekeken in breder verband: Wordt de populatie in het gebied aangetast?

Ontwerp-Vvgb Flora- en faunawet

Binnen maximaal 8 weken na ontvangst van een volledige aanvraag geeft LNV een ontwerp Verklaring van geen bedenkingen (Vvgb) af, wanneer ontheffing van verbodsbepalingen van de Flora- en faunawet mogelijk is en wanneer er geen schadelijke effecten voor een beschermde populatie als geheel ontstaan. Een gemeente is verplicht de voorschriften van de Vvgb één op een over te nemen in de omgevingsvergunning.

Inhoud Vvgb Flora- en faunawet

In een Vvgb staat dat er volgens een goedgekeurd projectplan gewerkt moet worden. Daarnaast kan de Vvgb voorschriften bevatten waaraan moet worden voldaan bij de uitvoering van de werkzaamheden. De Vvgb geldt voor een beperkte termijn van maximaal 5 jaar. In sommige gevallen is een monitoringsverplichting opgenomen.
Binnen een week na sluiting van de terinzagetermijn en wanneer geen zienswijzen zijn ingediend, ontvangt de gemeente de definitieve Vvgb. Zijn er wel zienswijzen ingediend dan ontvangt de gemeente binnen vier weken de definitieve Vvgb met een reactie op de zienswijzen.

Beroep

De gemeente is zelf verantwoordelijk voor het afhandelen van beroep maar kan kosteloos juridisch en ecologisch advies inwinnen bij LNV.



Geplaatst:  14-10-10 01:00
Door:  Redactie Omgevingsvergunning.nl
Bron:  Van onze verslaggever

Reageren?

Door: Herman van de Velden
Functie: projectleider invoering wabo
Organisatie: gemeente Hilversum
Geplaatst: 21-10-10 09:12
Ondertussen heb ik een reactie gekregen van mevrouw P. Palmen van het ministerie van VROM. Ik vind het jammer dat de discussie niet in het openbaar wordt gevoerd. Duidelijkheid hierover is immers voor iedereen van belang.

Mevrouw Palmen heeft me gewezen op een aangepast lid C van artikel 75 in de F&Fwet als gevolg van de invoeringswet WABO.
Ik heb dat gelezen en volgens mij wordt dat verkeerd uitgelegd.
Een verplichting voor de aanvrager betekent niet dat gemeenten daardoor een verplichting hebben. We zijn namelijk geen bevoegd gezag geworden voor de F&Fwet of de Nbw 98.
Buiten dat de kennis om een aanvraag op dit onderdeel te beoordelen bij de meeste gemeenten ontbreekt, hebben we dus ook de bevoegdheid niet om een besluit te nemen over een verplichting op grond van die wetten.

Als extra complicerende factor komt daar ook nog eens bij dat er voor de aanvrager pas een verplichting is om een ontheffing voor de F&Fwet aan te vragen als een verbod van de F&Fwet wordt overtreden.
In de F&F-wet is het momenteel zo opgebouwd dat wanneer een aanvrager een deskundigenonderzoeksrapport heeft waaruit blijkt dat geen verbod wordt overtreden, hij dat aan niemand hoeft te melden of bij te leveren.

Als gemeenten en provincies zullen we dus niet anders kunnen dan elke aanvraag ter beoordeling voorleggen aan LNV.




Door: Carolien Hendrix
Functie: hoofdredacteur
Organisatie: Omgevingsvergunning.nl
Geplaatst: 15-10-10 15:23
U kunt u dan het beste tot LNV wenden, zij heeft dit bericht op juistheid nagelezen.


Door: Herman van de Velden
Functie: projectleider invoering Wabo
Organisatie: gemeente Hilversum
Geplaatst: 14-10-10 10:50
inhoudelijk klopt de alinea geen deelvergunning voor de natuur niet, tenzij de wabo en de twee natuurwetten recent weer zijn aangepast.

Zowel de Nbw98 als de F&Fwet kunnen op initiatief van de aanvrager worden aangehaakt aan de omgevingsvergunning. Ze vormen dus in ieder geval geen onlosmakelijk onderdeel van de wabo-vergunningplicht.

De gemeente kan een vergunningaanvraag wegens het niet aanvragen van deze onderdelen niet afwijzen. Beide vergunningen zijn nog steeds los aan te vragen. De gemeente wordt ook geen bevoegd gezag voor deze wetten, de gemeente wordt uitsluitend bevoegd gezag voord e voorschriften die op grond van een vvgb worden opgenomen in de omgevingsvergunning.

Ook in de laatste overleggen met LNV-vertegenwoordigers werd dit onderschreven.

Mocht ik het verkeerd zien dan verneem ik dat graag.


 


copyright 2008 Forta milieu & multimedia, alle rechten voorbehouden - | disclaimer