| C.A. Hoftijzer (Student Bouwkunde) | 06-04-11 09:50 |
Onderstaand citaat vond ik op vromtotaal.nl
“Met de Wabo ligt de verantwoordelijkheid voor het toezicht op constructieve veiligheid geheel bij opzichters en uitvoerders. Als een gebouw instort, is het daarmee ook de privaatrechtelijke verantwoordelijkheid van de bouwer en niet van de gemeente die de bouwvergunning verleent. Dat houdt ook verband met het onduidelijk blijven van informatie over calamiteiten. Want wie schuldig is, is ook aansprakelijk als het misgaat.”
Kan iemand mij vertellen waar ik in de Wabo kan vinden dat toezicht bij opzichters en uitvoerders ligt en de gemeente geen verantwoordelijkheid draagt?
Mvg. |
|
Reacties:
| |
Tineke Ipenburg (Deskundigenpanel Waboman PurpleBlue)
| 06-04-11 15:57 |
Het bevoegd gezag dat de omgevingsvergunning verleent, is ook verantwoordelijk voor de bestuursrechtelijke handhaving van deze vergunning. Dit bevoegd gezag is ook verantwoordelijk voor een adequaat toezicht op de naleving van de omgevingsvergunning. Dit blijkt enerzijds uit artikel 5.2, eerste lid van de Wabo:
Artikel 5.2
1. Het bevoegd gezag heeft tot taak:
a. zorg te dragen voor de bestuursrechtelijke handhaving van de op grond van het bepaalde bij of krachtens de betrokken wetten voor degene die het betrokken project uitvoert, geldende voorschriften;
b. gegevens die met het oog op de uitoefening van de taak als bedoeld onder a van belang zijn, te verzamelen en te registreren;
c. (...)
De tekst die op Vromtotaal staat, is niet helemaal volledig. Het BG verleent de omgevingsvergunning en is vervolgens ook verantwoordelijk dat deze vergunning wordt nageleefd. Dat blijkt uit artikel 5.2 Wabo. Dat voor het toezicht vervolgens ambtenaren zijn aangewezen, maakt dat niet anders. |
|